'Hanging around my soul', 2009, gemengde techniek, 41 x33 cm, collectie kunstenaar

Rembrandt van Rijn, De anatomische les van Dr. Tulp, 1632, 169,5 x 216,5 cm, Mauritshuis, Den Haag

Waarover spreken we als we over de ziel spreken?

 

Ergens voorbij het donker, in het licht van de eeuwigheid of de langste tijd, komen we naar hier en kijken met… met wat eigenlijk?

 

De werken Zielsfaculteiten van Hans Klein Hofmeijer dragen een wonderlijke betekenis in zich. Het belang van de keuze voor deze titel geeft ons de mogelijkheid om zicht te krijgen op de ziel. Een begrip dat door de eeuwen heen meervoudig te definiëren blijkt. De ziel is bijvoorbeeld verbonden met datgene wat onsterfelijk is. En daarmee doemt de eerste moeilijkheid op. Onsterfelijk? Wie weet dat? Wat betekent onsterfelijk?

 

Laat ik eerst voor mezelf een definitie van de ziel geven. Het menselijk bestaan kan omschreven worden als lichamelijk en geestelijk, materieel en psychisch. Tussen deze grootheden kan een bemiddelaar benoemd worden die ik de ziel wil noemen.

Psyche, persoonlijkheid, karakter: ze maken onderdeel van de ziel. Maar ook erfelijke eigenschappen, fysieke gesteldheid, biologische- en omgevings factoren, hebben hun invloed op de ziel. Ook vind ik het nodig om de levensenergie, de levenskracht of groeipotentie of, zoals Hildegard van Bingen het noemt, de Veriditas een plaats te geven. Sommigen zullen zeggen dat deze tot de materiële wereld behoort. Anderen beweren dat deze tot de geestelijke of spirituele wereld behoort. Het plaatsen van de levenspotentie in de ziel, de bemiddelende instantie, lijkt me voorlopig dan ook een verantwoorde keuze.

 

Wat Hans Klein Hofmeijer gedaan heeft bij het het maken van zijn Zielsfaculteiten is dat hij op grond van zijn geestelijk verlangen een tekening te willen maken uiteindelijk de ziel een materiële verschijning heeft kunnen geven. Of is het precies andersom. Dat hij op grond van zijn verlangen de ziel weer te geven een tekening heeft gemaakt? Precies kunnen we het niet weten. We kunnen het hem vragen en… zou hij dan de vraag naar welk verlangen er eerder was kunnen beantwoorden?

 

Wat hij uiteindelijk voor elkaar gekregen heeft is dat hij ons de mogelijkheid voorlegt om een blik te werpen op de potentie van de ziel.

 

We zien in een donkerbruine houten lijst, achter glas, op verschillende soorten papier, bedrukt en met potlood geschreven tekst, getekende en geschilderde, enkelvoudige of samengestelde vormen op een dusdanige manier materieel samengebracht dat ze ons doen denken aan organen: bloederig, druipend en behaard. In één van de werken is het ‘orgaan’ opgehangen aan een metalen haak die in een bouwmarkt gekocht zou kunnen zijn. De kunstenaar geeft als een bioloog, dokter, knutselaar, vakman vorm aan wat hij noemt Zielsfaculteiten (een deel van de ziel) om het geestelijk aspect van haar mogelijk bestaan tastbaar te maken. Het lijkt alsof hij het lichaam opengesneden heeft om er de ziel uit te halen. Een brute daad die nodig lijkt om als een heelmeester dit kwetsbare orgaan te tonen en aan een onderzoek te kunnen onderwerpen.

 

Een kenmerk van het kunstwerk in het algemeen is dat het de geschiedenis van zijn eigen ontstaan onthult. Men kan zeggen dat daarmee, in haar verschijning, ook de ziel van het kunstwerk zichtbaar wordt. Het kunstwerk biedt de mogelijkheid om de werkelijkheid op meerdere lagen waar te nemen. Zowel fysiek als psychisch wordt de ziel in het kunstwerk zichtbaar en verschijnt aan de beschouwer.

 

Of je nu de onsterfelijkheid van de ziel aanneemt of niet, Hans Klein Hofmeijer neemt hier zijn taak als zielendokter serieus. Om te kunnen onderzoeken en determineren heeft hij de ziel zichtbaar gemaakt als object. Daarmee toont hij ons niet alleen de overtuigende betekenis die van het beeld uitgaat maar ook de kracht van onze mentale, psychische werkelijkheid, die mede vorm geeft aan diezelfde werkelijkheid. Alle menselijke activiteit en de werken Zielsfaculteiten in het bijzonder, bieden een metafysische opening naar ons ‘zijn’. Dat wat in verborgenheid aanwezig is wordt openbaring.

 

George Meertens, juli 2017